Ana səhifə

"Ik wou er gewoon bij horen met die jas van vijfhonderd euro." "Uiterlijk komt op de eerste plaats en innerlijk komt op de tweede plaats." "De meeste Nederlanders hebben geen stijl." "Ik wil dat mensen me normaal vinden


Yüklə 21.29 Kb.
tarix10.06.2016
ölçüsü21.29 Kb.
KEES KEIJER

"Ik wou er gewoon bij horen met die jas van vijfhonderd euro." "Uiterlijk komt op de eerste plaats en innerlijk komt op de tweede plaats." "De meeste Nederlanders hebben geen stijl." "Ik wil dat mensen me normaal vinden." Op drie monitoren vertellen jonge mannen om beurten over hun fascinatie met hun uiterlijk, waarin dure merkkleding een hoofdrol speelt. Terwijl ze voor de spiegel aan hun haar plukken, broeken aan- en uittrekken en voorzichtig de hals van een shirtje over hun kapsel trekken schallen de merken en de prijzen van kledingstukken als een mantra uit de speakers: "Prada 220 euro, Evisu, Armani 220 euro, Diesel 140 euro, Dolce & Gabbana, Versace 180 euro."

Julika Rudelius (Keulen, 1968) nodigde een aantal allochtone jongens uit om over hun kleren te vertellen. De video-installatie Tagged [cursief], is een van de verrassingen op de tentoonstelling met voorstellen tot gemeentelijke kunstaankopen Link [cursief] in het Stedelijk Museum. Het is een video over hedendaagse gedragscodes, over het machismo van donkere mannen, over de twijfels en zekerheden van individuen in een kapitalistische maatschappij, maar ook over het klassieke thema van de schoonheid, over kijken en bekeken worden.
Als ik Rudelius tijdens het inrichten van de installatie in het Stedelijk tegenkom, vertelt ze dat ze bezig is met een nieuwe film die enkele weken later te zien zal zijn bij Galerie Diana Stigter. Het lijkt me een goede aanleiding voor een interview en stel voor om een opname bij te wonen. Rudelius belt later terug met een verrassende reactie: "Ik wil de situatie een beetje omdraaien en terugslaan. Ik wil jou filmen voor die nieuwe video."

Ondergetekende staat niet bepaald te trappelen om in een video van Julika Rudelius te figureren. Dat heeft alles te maken met haar reputatie als filmmaker. Sinds Rudelius in 2001 de Rijksakademie in Amsterdam verliet, maakte ze in korte tijd furore met portretten, straatinterviews en gesprekken die soms op enige afstand in het geniep lijken te zijn opgenomen.

Aanvankelijk kijk je tamelijk onbevangen naar die films en accepteer je de objectiverende documentairestijl die wordt gehanteerd. Gaandeweg merk je echter dat de situaties zorgvuldig in scène zijn gezet. De films moeten het niet hebben van spectaculaire acties; het venijn van de video's van Rudelius schuilt steeds in de kleine psychologische speldenprikjes.

In Interview 01 [cursief] (2000) wordt bijvoorbeeld een groepje van vier studenten geïnterviewd 'voor een project voor school.' Ze babbelen dat ze het zo gezellig en leuk met elkaar hebben en dat ze 'gewoon vrienden' zijn, maar ondertussen praten ze ongevraagd over hun onverenigbare karakters en de spanningen die dat voor hun vriendschap oplevert. Naarmate de film vordert krijgen de geïnterviewden steeds meer trekjes van figuren uit een soap. En ze flappen er voornamelijk gemeenplaatsen uit. 'Die goeie oude tijd was een leuke tijd, maar helaas.'

Rudelius vertelde later dat ze Interview 01 [cursief] gemaakt had in reactie op Big Brother en op de manier waarop studenten op de Rijksakademie met elkaar communiceerden: "Toen ik meedeed aan een expositie, kreeg ik van een medestudent te horen dat hij dat heel leuk voor me vond, maar dat de curator van die tentoonstelling 'natuurlijk heel shit' was. Vandaar die schijnbaar objectieve registratie van mensen die elkaar in bedekte termen proberen af te zeiken."

Rudelius heeft, kortom, naam gemaakt met video's waarin mensen in een bepaalde situatie worden gedwongen, zodat ze anders reageren dan ze normaal zouden doen. De scheidslijn tussen fictie en non-fictie wordt steeds danig vertroebeld, waardoor je het gevoel krijgt dat Rudelius zowel de kijker als de acteurs lichtelijk in de maling neemt.

Ze krijgt een groep jongens zover dat in een treincoupé een uiterst platvloers gesprek opvoeren over het verschil tussen ‘sletten’ en ‘leuke wijven’, en knipt een gefilmd portret van drie jonge vrouwen zo aan elkaar dat de hoofdrolspelers een schaamteloos gebrek aan originaliteit tentoonspreiden en derhalve vrijwel alleen in clichés praten. En voor een van haar laatste films laat Rudelius een reeks vrouwen beschrijven hoe ze het liefste klaarkomen. Ik verwachtte dat zij haar modellen op een specifieke manier zou manipuleren en was geïnteresseerd in deze werkwijze. Maar om nou zelf onderwerp te worden van zo'n exhibitionistische, therapeutische acteersessie, nou nee. Als ze vertelt dat mijn personage vrijwel onherkenbaar in beeld komt, ga ik alsnog overstag.
De nieuwe video blijkt te gaan over een gehandicapte vrouw. "Ik kwam haar tegen op straat. Ze reed heel hard met een driewielige scootmobiel,"vertelt Rudelius. Dat intrigeerde me onmiddellijk. Ze was zackig [cursief], zoals je dat in het Duits zegt; ze was vlot en had duidelijk stijl. Ik haalde haar in en zei: Jij bent lekker snel! Ze vertelde dat ze net een nieuwe scootmobiel had, die heel hard kon. Later leerde ik haar kennen. Ze is heel sterk, maar voelt bijna niets meer. Het wordt een tamelijk surrealistische film." Van tevoren wil Rudelius weinig kwijt over de rol die ik in het geheel zou moeten spelen. Het is alleen duidelijk dat ik een brief moet voorlezen. "En doe maar dat pak aan dat je laatst aanhad. Je moet er keurig uitzien, met van die klassieke herenschoenen."

Ze laat me nog weten dat ze ook een andere 'acteur' gevraagd heeft voor dezelfde rol, 'voor als je niet goed genoeg bent.' Het wordt nog een competitie ook.

De video wordt opgenomen in de Amsterdamse benedenwoning van de gehandicapte vrouw, die op dat moment niet aanwezig is. De spelregels zijn duidelijk: ik moet al ijsberend door de huiskamer een tekst voorlezen, een samenvatting van een brief die de hoofdpersoon in de film ooit schreef om een commissie te overtuigen van de ernst van haar ziekte. Gelijktijdig zullen twee schildpadden in de kamer rondscharrelen. Na de eerste opname volgt één herkansing. Daarna zal de camera resoluut uitgaan, belooft Rudelius.

Gewapend met een camera stopt Rudelius me enkele vellen faxpapier toe, met aanwijzingen als: "Lees het zo emotieloos op, alsof het verkeersinformatie is. Er staan dingen in de tekst tussen haakjes; die mag je niet oplezen. En o ja, de volgorde van de pagina's klopt nog niet. Begin maar."

En dan had ze de spelfouten, doorgestreepte passages en lastige woorden als 'polyneurophatie' nog maar niet vermeld. Na afloop ben ik er dan ook van overtuigd dat het bij de herkansing veel beter zal gaan. Want hoewel ik bepaald niet op deze acteersessie zat te wachten, krijgt Rudelius me toch zover dat ik 'goed genoeg' wil zijn. Als ze uiteindelijk toch voor de andere gegadigde zou kiezen, zou ik dat als een kleine nederlaag ervaren, merk ik tot mijn verbazing.

De tweede keer ging het voorlezen een stuk gemakkelijker, maar Rudelius nam natuurlijk die eerste, klunzige take [cursief] voor de uiteindelijke film, waarin ook beelden van die andere keurig geklede heer zitten verwerkt.


De video met de 'afstandelijke verteller' wordt op een monitor vertoond naast de film waarin we de gehandicapte vrouw volgen in haar dagelijkse bezigheden. De film, die de titel Only sight and touch enable us to locate the things around us [cursief] meekreeg, volgt de vrouw terwijl ze een krant leest, een prei snijdt en koffie zet. De korte beelden worden afgewisseld met scènes waarin twee schildpadden door de kamer schuifelen. Soms wordt een verband gesuggereerd tussen vrouw en schildpad, bijvoorbeeld als de camera inzoomt op de in netkousen gehulde tenen van de vrouw, die een opvallende gelijkenis vertonen met de poten van de schildpadden.

Aan het einde van de film zien we de vrouw op haar scootmobiel over een groot parkeerterrein scheuren, als een easy rider [cursief] op weg naar de vrijheid.


"Ik wilde geen zielige film over een gehandicapte maken," vertelt Rudelius daags na de opening. "Als ik griep heb vertel ik het iedereen. Zij praat nooit over wat ze mankeert. Haar zenuwen sterven af, waardoor ze geen gevoel meer heeft in grote delen van haar lichaam. Doordoor moet ze alles op het oog doen. Als ze kopje optilt moet ze kijken of ze het wel echt beet heeft, want ze voelt de aanraking niet. Dat vond ik spannend, iemand die zo op haar ogen moet vertrouwen om gewone dingen te kunnen doen."

"Voor de buitenwereld is zij gehandicapt. Ik vond haar eerder mysterieus. Ze bleek twee schildpadden te hebben. In verschillende culturen wordt de schildbad gezien als een symbool voor de tastzin, voor het vijfde zintuig. Daarmee werden die dieren een soort cadeautje voor de film."

"In onze maatschappij zijn pijn, ziekte en gevoelloosheid natuurlijk actuele thema's. Ook mijn eigen leven vormt steeds een uitgangspunt voor mijn werk. Als jij een interview komt maken dan probeer ik het om te draaien. Dan wil ik jou filmen. Ik wil de situatie altijd naar mijn hand zetten."

"De spreker is een vertegenwoordiger van de buitenwereld. Iemand die onbetrokken is. Hij leest een brief voor over pijn, maar doet dat uiterst onderkoeld. Als je je had kunnen voorbereiden, had je er meer intonatie ingelegd. Dan werkt het niet meer. Door een paar trucs probeerde ik je uit balans te brengen. Dat doe ik met al mijn modellen. Ze worden tijdens het filmen met zichzelf geconfronteerd, maar moeten doorgaan."


In het gesprek gebruikt Rudelius vaak de term 'normaliteit'. Ze is in haar werk steeds op zoek naar het normale en ook in het dagelijks leven probeert ze haar ogen te openen voor normale gedragingen of codes.

"Normaliteit is scary shit [cursief] en het ligt dicht bij jezelf. Als ik een goede dag heb, dan kan ik me steeds verbazen over dingen die om me heen gebeuren: hoe iemand loopt bijvoorbeeld."

"Als ik me slecht voel ga ik mensen op straat aanspreken. Dan maak ik de leukste dingen mee. Liften in de binnenstad, praktische vragen stellen aan voorbijgangers, mensen iets zwaars laten tillen. Of ik zet een auto midden op straat en wacht af wat er gaat gebeuren. Soms leer je zo mensen kennen."

Tot haar zesentwintigste leidde ze volgens eigen zeggen zelf een 'heel normaal bestaan.' Na een opleiding in de uitgeverij werkte Rudelius op een kantoor, waar ze, steevast gekleed in een keurig mantelpakje, onderhandelingen over internationale licenties voerde. Tot ze er genoeg van kreeg en begon met fotograferen. Na een eerste portfolio kreeg ze direct een reportage-opdracht van Playboy. Toen ze geruchten hoorde dat Robert Capa's beroemde foto van de stervende soldaat in de Spaanse Burgeroorlog zorgvuldig was geënsceneerd, kreeg haar vertouwen in de reportagefotografie een gevoelige knauw. Rudelius besloot vanaf dat moment haar foto's bewust te gaan manipuleren - een werkwijze die overigens door meer fotografen in de jaren negentig werd gehanteerd.


Nu ze een paar jaar in Amsterdam woont, is haar werk veelgevraagd in binnen- en buitenland. Naast de eerdergenoemde Amsterdamse exposities is Rudelius' werk momenteel te zien op een solotentoonstelling in Zürich en is ze vertegenwoordigd op de Triennial of Photography and Video [cursief] in New York.

Aanvankelijk maakte Rudelius voornamelijk foto's met een duidelijke multiculturele thematiek. Zo liet ze autochtone Nederlanders poseren in traditionele Noord-Afrikaanse kledij en maakte ze foto's van zwartgeschminkte blanken. "Ik ben zelf ook met burka de straat opgegaan, om te weten hoe dat voelt. Dat bleek nogal een inbreuk op je persoonlijkheid. Je ooghoeken worden enorm begrensd. Sommige Nederlanders reageren heel offensief: 'je ziet er uit als een heks.' Vreemd, want als je halfbloot over straat loopt, is dat heel normaal."


Voor The Highest Point [cursief] liet Rudelius een reeks vrouwen, waarmee ze in contact kwam door een oproep in de krant, op een onderkoelde, zakelijke manier vertellen hoe ze graag klaarkomen. De film blijkt een reactie op de banale manier waarop seksualiteit in de media opduikt. "Seksualiteit is in de media op het visuele gericht," zegt Rudelius. "Een meisje dat ik had uitgenodigd ging gelijk uit de kleren en wilde voordoen hoe ze klaarkwam. Maar ik wilde juist dat ze met kleren aan, op een bijna technische wijze zou vertellen hoe ze klaarkwam. Het viel me op dat vrouwen allerlei maniertjes en beweginkjes gebruikten omdat hun vriend die graag zag. Mannen zijn visueler ingesteld. Die vinden het heel opwindend als ze het voor zich zien. Vrouwen hechten volgens mij meer aan verhalen. Kijk maar naar die erotische romannetjes, die worden alleen door vrouwen gelezen."
"Mijn werk gaat in de eerste plaats over exhibitionisme er hoe ver je met de camera kunt gaan. Ik maak eigenlijk antropologische kunst. Ik lees veel psychologische experimenten en ga op jacht naar mensen op het Leidseplein of in de Kalverstraat."

Daar heeft Rudelius ook maandenlang stoere allochtonen aangesproken met de vraag waar ze hun kleren vandaan hadden. Twee dingen zijn volgens haar bepalend geweest voor het maken van Tagged [cursief]: "Op de eerste plaats ben ik bestolen door vier buitenlanders in hele chique kleding. Daardoor werd ik heel gestresst, hield constant mijn spullen in de gaten. Als je daar niets mee doet, kom je in een neergaande spiraal terecht. Dan ga ik liever kijken hoe dergelijke jongens hun kleren betalen."

"Ten tweede had ik in Nederland altijd het gevoel dat er minder racisme was dan in Duitsland. Totdat het plotseling salonfähig werd om over kutmarokkanen te spreken. Het lijkt me beter om er op een verstandige manier over te praten."
"De nieuwe film is eigenlijk veel persoonlijker geworden dan al mijn vorige werk en de esthetiek is dan ook heel anders," zegt Rudelius. "Het is een grote horizontale beweging geworden, omdat deze vrouw de wereld grotendeels bekijkt vanuit een rolstoel of een scootmobiel."

"Zo gaat mijn werk steeds een andere kant op. Ik heb een hekel aan kunstenaars die jarenlang hetzelfde kunstje opvoeren. Als ik me niet ontwikkel, kan ik beter weer kantoorwerk gaan doen."

Julika Rudelius

Galerie Diana Stigter.

Hazenstraat 17, Amsterdam.

di-za 13-18 uur; 1e zo vd maand 14-17 uur.

T/m 22 november.

Link - Voorstel tot gemeentelijke kunstaankopen 2002-2003

Stedelijk Museum, Amsterdam.

T/m 31 december.



Verder is werk van Julika Rudelius te zien bij Kunsthaus Glarus in Zürich en op de Triennial of Photography and Video [cursief] in het International Center of Photography, New York.


Verilənlər bazası müəlliflik hüququ ilə müdafiə olunur ©kagiz.org 2016
rəhbərliyinə müraciət